Oost Tunesië
Oost Tunesië

Oost Tunesië

Zondag 15 juni 2025
Toujane – Gafsa
Gereden: 313 km
Totaal: 4044 km

Hé Gafsa? Daar waren jullie toch al geweest zul je misschien denken. Dat klopt maar daar zit een verhaal aan vast.

Ik word om 4:45 uur wakker en loop naar het dakterras om foto’s van de opgaande zon te maken. Daarna ga ik toch nog even liggen en om 07:00 uur schuiven we aan bij het ontbijt. De radio staat aan en zonder echt Arabisch te spreken hoor ik dat de berichtgeving alleen over Israël en Iran gaat. Na het ontbijt nemen we afscheid, pakken de motoren en rijden de bergen in, maar laten gevraagd eerst nog een doosje paracetamol achter bij de oudste vrouw in huis die zichtbaar ziek is.
De C104 door de bergen richting Matmata is een van de mooiste wegen door de bergen die we gezien hebben. Het uitzicht is niet in een foto te vatten en we proberen dit zoveel mogelijk in ons op te nemen. In een dorpje stoppen we om grotwoningen te bekijken, wel vanaf een afstand want een deel is nog gewoon in gebruik.
Als we door Matmata rijden cirkelt er net als eerder weer een irritante fixer op een scooter om ons heen. Ik negeer de man volkomen en we rijden stoïcijns door richting Gabes.

In Gabes is het marktdag. We parkeren de motoren pontificaal op de rotonde om een rondje over de markt te kunnen lopen. Op de rotonde staan ze volop in het zicht van iedereen. Op de markt kopen we wat kruiden als souvenir en zien weer de enorme balen met tweedehands kleding uit Europa. Na een snelle lunch rijden we via een klein zoutmeer verder naar het noorden. Het landschap wisselt snel, zo rijden we door de vlakte, dan weer in de bergen en dan weer in de woestijn. Bizar en gaaf tegelijk.

De eindbestemming van vandaag is As Sanad waar een verlaten berber grotwoningcomplex is met een guesthouse waar we willen overnachten. De weg er naar toe leidt door de Khanget Maala kloof, een smalle weg door de bergen. Supermooi en fotogeniek.

Na een uur door de bergen komen we aan in As Sanad. Het idee is om eerst in te checken en daarna naar de grotwoningen te wandelen. Grote tegenvaller is dat er niemand bij het guesthouse is en het al een tijdje dicht lijkt te zijn. Dan maar eerst de grotwoningen bekijken en hopen dat er straks wel iemand is. Maar ook dat was ijdele hoop er is geen enkel teken van leven. De enige man die we tegen komen in het dorp spreekt alleen Arabisch en onze telefoons hebben geen enkelbereik in dit gebied. We overleggen wat we gaan doen. Terugrijden door de bergen is een uur en geeft geen garantie op een hotel want gisteren vonden we ook al geen andere slaapplekken in dit gebied dan dit ene guesthouse dat nu dicht blijkt te zijn.

Gafsa is 50 kilometer verderop en ik opper dat we daar heen kunnen rijden naar het hotel waar we eerder geslapen hebben. Dat lijkt vanwege de zekerheid inderdaad de beste optie en ik stel de navigatie in. De melding ‘route bevat onverharde wegen’ negeer ik, die heb ik vaker gezien deze vakantie.
Het stukje onverhard blijkt een weg van gravel en gras te zijn en is bezaaid met keien. Het is steil en diepe geulen en sporen van water. We ploeteren in de hitte door en helpen elkaar met de moeilijke stukken en dat zijn er veel. Eigenlijk wil je je jas en helm afdoen want alles is warm en zit in de weg en de motoren voelen zwaar en lomp.

Vooral de NC heeft het lastig en ik loop regelmatig heen en weer om Coco te helpen door stenen te verplaatsen en samen de motor verder te krijgen. Coco glijdt weg met de NC omdat er wat stenen wegschuiven, maar gelukkig is er geen schade anders dan wat krassen op haar laarzen. Het is op de kaart lastig in te schatten hoe lang dit stuk duurt. Aan de kaart te zien kan het niet heel ver zijn en na elke bocht hoop ik dat het beter wordt. Terugkeren is eigenlijk ook geen optie, want dan moeten we over dezelfde rotsen terug.
Het loopt richting 17:30 uur en we kijken met een schuin oog naar de zon die langzaam achter de bergen zakt. Gelukkig hebben we de tent en voldoende water en eten mee om een nacht hier te blijven maar ideaal is het niet.

Uiteindelijk doen we meer dan twee uur over een stuk van 4,5 kilometer. Als het rotspad overgaat op een soort vlak grindpad kan ik haast wel janken van blijdschap. We zijn totaal uitgeput. We rijden bijna volgas naar Gafsa en checken net voor het donker weer in bij hotel Gafsa Palace. We gooien de spullen in de hoek en gaan eerst uitgebreid douchen. Daarna een ijskoud biertje in de bar en als we gaan eten worden we toch nog blij verrast. In plaats van de standaard keuze kip of schnitzel blijkt er nu een buffet klaar te staan omdat er toch zeker 11 mensen in het restaurant zitten. Wat een dag en ik denk niet dat het raar is dat we als een blok in slaap gevallen zijn, blij dat alles goed gegaan is en nog heel is. Dit had echt anders kunnen aflopen.

Maandag 16 juni 2025
Gafsa – El Djem
Gereden: 330 km
Totaal: 4374 km

Door de onverwachte wijziging in de planning gister is ook de route voor vandaag gewijzigd. Eerst maar tanken in Gafsa en bij de pomp staan wat mannen die willen weten waar we vandaan komen, waar we heen gaan en wat we van Tunesië vinden. Zo’n beetje de gewoonlijke vragen. Belangrijke vraag is ook wat een Honda Transalp bij ons kost en als ik voor ze omreken wat een motor van ruim 15 jaar oud bij ons kost in Tunesische Dinars schrikken ze zichtbaar. Voor hun natuurlijk een vermogen.
Het fijne van dit tankstation is dat er ook een luchtpomp hangt, dat is heel veel makkelijker dan onze eigen voetpomp die wij bij ons hebben.
Binnen 3 kilometer zie ik onderweg een paard in de bak van een pick-up truck staan, een man met een bontmuts op de scooter bij 30+ graden en een gast achter die op een scooter zit en een stuk metaal van een meter of 5 vasthoudt en dat in de breedte over de weg meesleept. Afrika blijft verbazen.

De opgravingen van Baten Zammour kunnen we niet vinden, maar rijden wel langs het café d’archéologie. Dan eerst maar een koffie en als we vragen waar de opgravingen zijn wijst de jongen naar de overkant van de weg.
Na de koffie lopen we naar de overkant en zien daar de restanten van een Romeinse villa met allerlei mozaïekvloeren liggen. Geen hek er om heen, helemaal niks. Waarschijnlijk ooit eens opgegraven en niet meer onderhouden. Ik kan mij niet voorstellen wat er hier nog aan onbekende oudheid onder de grond moet liggen.

Onderweg naar nationaal park Bou-Hedma passeren we weer de kloof van gister. Niet verwacht dat de route hier weer langs zou leiden maar dit is een leuke verrassing. We verlaten de asfaltweg en rijden door het park. De wegen, of beter gezegd paden, bestaan uit zand maar zijn prima te doen. Als we het park uitwillen blijkt er een hek te staan dat dicht is. We rijden terug en rijden via de asfaltweg om het park heen rijden.

Om naar El Djem te komen nemen we 50 kilometer tolweg wat een belevenis op zich is. Er zijn geen parkeerplaatsen en onder elk viaduct staat op de vluchtstrook een stalletje met thee en fruit. Mensen stoppen op de vluchtstrook om wat te kopen.
In El Djem zetten we de motoren op de binnenplaats van het hotel, kleden ons om en lopen daarna door het centrum. Eyecatcher is het enorme amfitheater, dat het op drie na grootste ter wereld is en nog in bijzonder goede staat is. We lopen er wat rond en zitten een tijdje op de tribunes om de grootte van het bouwwerk en de omgeving  in ons op te nemen. Er zijn geen andere toeristen en dat geeft een extra dimensie.
In het winkeltje bij het museum staat de tv op stand oorverdovend op Al Jazeera met de laatste updates over het Israël versus Iran conflict inclusief live beelden met ontploffingen. We zijn de enige mensen in de winkel en we hebben een gesprek over Gaza, Iran en de situatie in de wereld.  We praten bijna een half uur, kopen wat souvenirs en lopen terug naar het hotel.

El Djem is een grote stad en we vragen een taxichauffeur of er een bar is. Dat blijkt het geval en hij brengt ons naar een hotel aan de rand van de stad. Daar is inderdaad een bar maar dat is zo’n foute tent met vage mannen dat ik een paar blikjes koop en we terug naar de weg lopen om terug naar El Djem te gaan. Daar waar we de hele dag busjes en taxi’s hebben zien rijden komt er nu niks langs en het begint langzaam te schemeren. We hebben twee opties, of een paar kilometer teruglopen naar het centrum, of ouderwets liften. We besluiten het laatste te doen en worden opgepikt door een auto die bij het hotel vandaan komt waar we net waren. Het blijkt een Tunesische Fransman te zijn die hier met vakantie is en we kunnen meerijden naar het centrum van El Djem.
Hij vertelt dat veel Tunesiërs bier drinken maar dat bier vooral op de zwarte markt verkocht wordt en weinig in winkels, maar daar waren we inmiddels al achter gekomen. Het verklaart overigens wel het grote aantal lege blikjes en flesjes die we door heel het land in de berm zien liggen.

In de avond wandelen we nog een rondje door het centrum. Het is wat afgekoeld en bij het amfitheater spelen talloze kinderen op de trappen en racet de jeugd met brommertjes door de straten. De verlichting van die brommertjes varieert van rijdende neonlampen tot helemaal geen verlichting. Bij de slager staan de levende kippen in hokken opgestapeld naast de deur. Zo kun je ze wel vers houden. De avond sluiten we af met pizza en dan is ook deze dag wel weer klaar.

Dinsdag 17 juni 2025
El Djem – Monastir
Gereden: 146 km
Totaal: 4493 km

We hoeven pas om 12:00 uur de kamer te verlaten dus we lopen eerst nog een rondje door het centrum. Eerst lopen we naar het kleine amfitheater, de voorloper van het grote in het centrum, dat midden in een woonwijk ligt. De ruïne is bezaaid met afval. Volgend bezoek is Villa Africa, het historisch museum van El Djem. Ik heb nog nooit zoveel Romeinse mozaïeken bij elkaar gezien. Zaal na zaal ligt en hangt vol met de meest prachtigste mozaïeken.

In de reconstructie van de Romeinse villa zijn we de enige bezoekers en de suppoost schuift de hekken voor ons aan de kant en poetst met water het stof van de vloeren af om ons de schitterende kleuren te laten zien. De kleuren zijn na al die eeuwen nog sprankelend en fel.  Beetje genant om er overheen te lopen maar wel heel mooi om te zien. Het voelt een beetje of je in een museum aan de schilderijen mag voelen. De hekken worden snel teruggezet als er een bus met toeristen leegloopt voor de ingang. Misschien hadden wij de gunfactor. Ik geef de man wat dinars en verlaten het museum.

We lopen weer naar het hotel, trekken de motorkleding aan en vertrekken maar natuurlijk niet na wat foto’s van de motoren voor het theater gemaakt te hebben. De dromedaris is een leuk extraatje.

Langs de kust rijden we langzaam noordwaarts via Mahdia naar Monastir. In de jachthaven van Monastir hebben we voor vannacht een appartement geboekt maar in de laatste 500 meter voor de jachthaven hebben we drie keer een controle van politie, douane en een speciale eenheid. Best bizar en ik heb geen idee wat er aan de hand is, zoveel controles hebben we immers niet gehad. Bij het inchecken vertelt de receptioniste dat er een oefening is. Dat scheelt weer, de motoren staan in ieder geval veilig onder het toeziend oog van zoveel politie.
Het appartement is ruim. We wassen weer wat kleding, frissen ons op en lopen het centrum in. We overwegen om een extra nacht te blijven, maar Monastir is net zo toeristisch als Mahdia eerder vandaag en we zijn er wel klaar mee om elke 50 meter aangeklampt te worden of we een winkel in willen, een hotel zoeken of een gids willen.

Het wordt irritant, geen idee of iedereen aangeklampt wordt om dat er weinig toeristen zijn of dat dit gewoon standaard is. Pleur in ieder geval maar lekker op allemaal. Na een uur hebben we de foto’s wel gemaakt en zijn we er klaar mee en gaan lekker op de veranda van het appartement zitten en kijken naar de boten in de jachthaven.


Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *